Dagboekfragment: Oeps! het is 14 januari 2020
Ik ben een dag te laat. In deze aflevering hoor je waarom. Op 13 januari gebeurt er iets waardoor ik mijn brief niet geschreven krijg. Ik krijg er namelijk eentje van Sofie. Daarnaast ontdek ik dat het werk dat ik doe me niet meer bevalt. Drie jaar later merk ik nog steeds de impact van de verandering die toen plaatsvond in mijn leven. Het is alsof mijn onbezonnen ik ineens "volwassen" werd.
__________
Over Brieven aan mijn mama.
Mijn mama sterft op 16 december 2019 en mijn onwaarschijnlijke zoektocht naar een leven zonder haar vangt aan. Een week later postte ik mijn eerste brief aan haar op Facebook en een tsunami van berichten met mensen die voelden wat ik voelde overspoelde mijn mailbox. Drie jaar later maak ik van de brieven een podcast over het jaar van de eerste keren zonder haar.
__________
Brief week 4.
Ik ben een dag te laat.
Zie je, er zat namelijk een handgeschreven brief in de bus. Handgeschreven, met postzegels en al. Van al de steunbetuigingen, persoonlijk of online, greep deze brief me onmiddellijk bij mijn keel. Er plopte iets in mijn hart.
Dat iemand de moeite had gedaan om eventjes aan tafel te gaan zitten en een persoonlijke brief te schrijven, zette een emmer verdriet open waarvan ik niet wist dat ik die aan het volgieten was. Sofie is haar mama ook verloren. Ze weet dus waarover ik het heb. Ze nam de moeite om me te schrijven. Om te vragen jouw verhaal te blijven vertellen.
Ondertussen ben ik weer aan het werk, mams. Dat is blijkbaar de enige manier om niet aan jou te moeten denken. Niet te moeten voelen.
“Doet dat niet raar?”, vroeg iemand me gisteren. Ik heb daar zelfs niet over nagedacht. Ik ben gewoon terug beginnen werken. Een uitvaartondernemer belde me en nu ben ik aan de derde uitvaart bezig dit jaar. Nadat ik een halfjaar geen aula had gezien. Behalve dan bij jou.
Werken is de enige manier om niet aan jou te denken. Dus werk ik veel en lang. Ik probeer te vergeten dat je dood bent. Ik probeer niet om jou te vergeten. Wel dat jij er niet meer bent. Terwijl ik daar elke minuut mee geconfronteerd word. Belachelijk dus.
Rouw. Ik heb er zoveel over geleerd. Zoveel mensen mee geholpen in mijn praktijk. Om dan nu tot deze enige conclusie te komen. Er is niets zo ondefinieerbaar als rouw. Waarom wil ik dat zo graag in kadertjes gieten. In theorietjes. In structuren. Onnozele trien dat ik ben.
De laatste weken verandert alles van minuut op minuut. Daarom. Werken is zo ongeveer het enige dat helpt. En dus doe ik dat veel. Maar ik ben zo moe, mams. Zo moe van jou te missen. Van ‘s nachts wakker te liggen. Te wachten tot jij komt spoken. Een teken geeft.
Ik ben zo moe van al die eerste keren die al zijn geweest. Eerste kerst zonder jou. Eerste nieuwjaar zonder jou. Eerste keer verjaardag van de grote kleine zus zonder jou. Eerste lesdag aan mijn allereerste lesgroep in mijn eigen school zonder jou.
Volgende maand ben ik jarig. Mijn allereerste verjaardag zonder jou. Ik heb veel volk uitgenodigd om pizza te komen bakken in onze speksteenkachel. Dat betekent deeg maken, groenten snijden, saus maken, recepten opzoeken. Dan kan ik werken op mijn verjaardag en vergeten dat ik deze vier zonder jou.
© Katrien Smeyers 2020
__________
Opnieuw leest Kris Philips [Weg van Woorden] de derde brief en vertel ik hoe ik deze brief beleefde aan de hand van mijn dagboekaantekeningen en herinneringen.
Ben je fan en ken je iemand die geholpen is met mijn verhaal? Deel dan de link van deze podcast met deze persoon. Wil je graag jouw verhaal mij mij delen? Dan mag je me altijd mailen post@katriensmeyers.be