Een rode draad in het werk van Daniëlle van Ark is de vaak ondoorzichtige manier waarop waarde en betekenis aan iets wordt toegekend. Zo fotografeerde ze in de straten van Parijs bergen vuilniszakken, met daartussen papieren tassen van Louis Vuitton en Hermès - vers uit de winkel een statussymbool, tussen het afval net zoveel waard als een leeg melkkarton. Voor haar installatie Merchtable verkocht Daniëlle kleding met haar initialen en de titel en afbeeldingen uit een tentoonstelling, zoals bands extra inkomsten halen uit de verkoop van hun merchandise. En in corona-tijd tekende ze op rekeningen die binnenkwamen en verkocht die op social media voor het bedrag dat op de rekeningen vermeld stond. De massale aandacht en zelfs ophef die dit opleverde, liet zien dat ook de kunstwereld voor een belangrijk deel gedreven wordt door kapitalistische elementen als hypes, vraag- en aanbod en efficiëntie.